Hoe voorkomen wij een nieuwe crisis?

Hoe voorkomen wij een nieuwe crisis?

Door Heiko de Boer

De Fed is opgericht in 1913. Zo’n 20 jaar later heerste de Grote Depressie. De ECB is opgericht in 1998. Wat moeten wij doen om een volgende grote crisis te voorkomen? De geschiedenis toont aan om zo weinig mogelijk in te grijpen.

Geldgroei vanaf het begin

Tussen 1913 en 1919 nam de geldhoeveelheid in de V.S. met 73% toe en verdubbelden de prijzen. In Engeland stegen de geldhoeveelheid en de prijzen zelfs nog meer. De trend van stijgende geldhoeveelheid zette zich in de jaren ’20 door. Deze periode kende een enorme technologische vooruitgang, waardoor de productiviteit enorm toenam. De prijzen daalden echter niet. De neerwaartse prijsdruk van technologische vooruitgang werd gecompenseerd door de sterke geldgroei, waardoor er per saldo een beperkte inflatie was.

Snel herstel 1e crisis door flexibele prijzen

In 1919 zag de Fed risico’s van hun inflatoire beleid. De discount-rente werd verhoogd van 4% in 1919 tot 7% in 1920 en 1921. De geldhoeveelheid daalde in 1921 met 7,5%, prijzen en lonen gingen ook fors omlaag. Prijzen daalden met ongeveer 17% in 1921 en 8% in 1922. De lonen daalden gemiddeld met ongeveer 11% in 1921 en 1922. Deze dalende prijzen en lonen resulteerden NIET in een financiële chaos of economische puinhopen. De crisis was van korte duur. Dankzij de flexibiliteit van de prijzen en de lonen, herstelde de economie zeer snel. Vanaf augustus 1921 trad het economische herstel weer in.

Handelsoorlogen 100 jaar geleden

Na de eerste wereldoorlog begon ook de internationale handel weer op gang te komen. Amerikaanse bedrijven waren echter niet blij met de toegenomen concurrentie en vroegen de overheid om bescherming. De Amerikaanse overheid besloot tot het invoeren van handelstarieven. In 1922 bedroegen de Amerikaanse import tarieven gemiddeld 38%. In 1930 werden in de Smoot-Hawley Tariff Act de importtarieven nog eens verder verhoogd naar gemiddeld 60%. De internationale handelspartners verhoogden hun handelstarieven gaandeweg echter eveneens. In anticipatie op de nieuwe wetgeving daalden de grondstoffen prijzen eind jaren ‘20, hetgeen met name voor Amerikaanse boeren een drama was.

De New Deal van de overheid

De koersen op Wall Street crashten eind 1929, vlak voor de eerste belangrijke stemming over de Smoot-Hawley Act van 31 oktober dat jaar. Hoover was voorstander van deze wet, hij stond namelijk een programma van overheidsingrijpen voor, ‘zoals nooit tevoren gezien’. In 1930 was het grote publiek vol vertrouwen dat de overheid met een planmatige aanpak de crisis zou oplossen.

Hoover stelde prijssubsidies en marktinterventies in om boeren te steunen (Federal Farm Board). Er werd ingegrepen bij katoen (National Wool Marketing Corporation), vee (National Livestock Marketing Association), noten, graan, etc. Hij lanceerde publieke werken, zoals de Hoover dam. Hoover was altijd al voorstander van het hoog houden van lonen en kreeg dit ook voor elkaar. De werkloosheid nam hierdoor echter juist toe. In een poging lonen en de werkloosheid in toom te houden stopte hij de immigratie. Alleen rijkere immigranten waren nog welkom. Immigratie vanuit Europa daalde met 90%.

De ingrepen werkten soms kortstondig, maar gaandeweg alleen maar contraproductief. Daarmee droeg het beleid van de overheid helaas juist bij aan De Grote Depressie die volgde.

Brexit 100 jaar geleden

De crisis heerste ook in Europa. Engeland ging echter vrolijk door met een uitbundig monetair beleid en goedkope kredietverlening. Op 20 September 1931 stapte Engeland plots af van de goud-wissel-standaard. Met name Frankrijk werd hierdoor sterk getroffen, omdat daar veel ponden werden aangehouden als reserve valuta. Twee dagen voordat het besluit genomen werd, verzekerde de Engelse centrale bankier Norman de baas van De Nederlandse Bank, Dr. Vissering, dat Engeland zou vasthouden aan goud. De Nederlanders konden met een gerust hart hun Engels geld aanhouden. Nederland werd echter om de tuin geleid, door een onverwacht Brexit-achtig besluit.

Door het Engelse besluit de goud-wissel-standaard te verlaten, begon men ook te twijfelen aan de houdbaarheid van het systeem in de V.S. , waar het goud begon weg te vloeien. De goudvoorraad daalde in minder dan een jaar van $4,7 miljard tot $3,6 miljard in 1932. Vanaf 1930 verlaagde de Fed de discount-rente van 4,5 procent tot 1,5 procent in 1931. Toen de monetaire crisis eind 1931 enigszins onder controle leek, verhoogde de Fed de discount-rente naar 3,5 procent. De V.S. waren van mening dat de koppeling met goud anders in gevaar zou komen. De Fed is vaak bekritiseerd vanwege dit besluit. Als ze meer monetair hadden verruimd, zo gaat de redenatie, had de Grote Depressie voorkomen kunnen worden. Om dezelfde reden wordt vaak negatief aangekeken tegen een goudstandaard.

Gouden discipline

Als importen de exporten overstijgen hebben politici de neiging te roepen dat dit door oneerlijke concurrentie komt. Als landen onder een goudstandaard zouden leven, zou zo een handelstekort nooit lang kunnen bestaan. Importen moeten namelijk betaald worden, en wel in de vorm van goud. Dit goud verlaat dan het land om goederen in een ander land te kopen. Dit betekent effectief een daling van de geldhoeveelheid. De prijzen in eigen land zullen hierdoor per saldo gaan dalen. Dit gaat de importstijging tegen en bevordert de export, immers, met lagere prijzen ben je meer concurrerend. De import moet dus altijd betaald worden door iets anders te verkopen (goederen of goud). Een goudstandaard werkt disciplinerend. Boven je stand leven is onmogelijk onder een goudstandaard.

Echter, wij leven niet onder een goudstandaard. Ook in de jaren ’20 van de vorige eeuw niet. Toen kenden wij een goud-wissel-standaard. In de jaren ’20 kon goud worden omgewisseld tegen $20,67. In 1933 werd de dollar met 40% gedevalueerd. Sinds 1971 kent de wereld  überhaupt geen koppeling meer en hebben wij als nieuw anker een 2% inflatiedoelstelling, met een enorme toename van de geldhoeveelheid als gevolg.

Leven op te grote voet

Centrale banken en politici hebben met de geldhoeveelheid een fijn instrument om tekorten aan te vullen. Als je wilt importeren zonder het geld te hebben, dan kan je een lening krijgen. Er wordt dan geld uit het niets gecreëerd. Je hoeft dan als het ware niets te verkopen om meer te kunnen kopen en te importeren, zoals onder een goudstandaard. De V.S. kennen een handelstekort, een spaartekort en een overheidstekort. Deze zijn alle in stand te houden door monetaire expansie. Boven je stand leven is heel lang mogelijk op deze manier. Maar nooit voor altijd. En altijd met bijwerkingen van een ‘boom-bust’ en het verschuiven van de welvaart naar de meer welvarende medemens.

Klinkt bekend allemaal?

Net als 100 jaar geleden, wordt ook nu de neerwaartse prijsdruk van technologische vooruitgang gecompenseerd door een zeer sterke geldgroei. Per saldo is er een beperkte inflatie. Trump begint een handelsoorlog en heeft een issue met immigratie. Wij hebben Brexit. Wij hebben wereldwijd een steeds groter wordende overheid die steeds meer ingrijpt onder het mom van beschermen van hun economische belangen. Er is sprake van een ongekende monetaire expansie, de hele wereld leeft boven haar stand, zit vol schulden en is monetair verslaafd.

Einde QE?

Men spreekt nu van het einde van QE.  Echter, bij de minste geringste monetaire afkoeling zullen prijzen willen corrigeren. De beurzen anticipeerden eind 2018. Een volledig einde van QE zal resulteren in een economische aanpassing, zoals ook in 1921 het geval was. Maar, het vergt discipline om weer gezond te worden. Het is voor de overheid zeer verleidelijk naar de monetaire of fiscale medicijnen te grijpen ten tijde van een noodzakelijke economische aanpassing. Het is dus maar zeer de vraag of QE ten einde is.

Wat is de oplossing?

De oplossing is om minder te doen. Geen handelsoorlogen. Geen nieuwe New Deal of Green Deal. Geen voortdurende monetaire expansie. Streef geen 2% prijsinflatie na, koel af om te beginnen naar een 1% of 0% inflatiedoelstelling, waar minder geldgroei voor nodig is.

Maar bovenal, stop met bang te zijn voor dalende prijzen. Leer over hoe dalende prijzen en lonen juist helpen om verstoringen snel weg te werken. Op deflatie volgt geen chaos en het verdwijnen van ‘een economie’ in een zwart gat. Hoe sneller prijzen zich aanpassen naar de voorkeuren van de mens, hoe sneller een herstel zal inzetten en een echte crisis wordt voorkomen.

 

 

Eén reactie op “Hoe voorkomen wij een nieuwe crisis?”

  1. BimBam says:

    . wat een goed en duidelijk artikel Heiko, dank. QE lijkt net op tandpasta die eenmaal uit de tube is, je er niet meer in krijgt.

Geef een reactie